Moderne sluiters zijn er in drie maten: 0, 1 en 3, die allen eigen maat gat hebben. Gelukkig zijn die wel gelijk voor de meeste fabrikanten: een copal 1 heeft in principe hetzelfde gat als een compur 1. Maten voor het gat zijn 34,7 mm voor een 0-sluiter, 41,8 mm voor een 1-sluiter en 65 mm voor een 3-sluiter. Bij oudere sluiters is er iets meer variatie en moet je de sluiter meten en vervolgens een gat (laten) maken dat past. Meestal worden sluiters op de plank bevestigd met een borgmoer. Die kun je vastzetten met een passende spanner, maar met de hand gaat het ook vrij goed. Een lensplank heeft doorgaans geen eigen schroefdraad om de lens vast te zetten.

Sluiters zijn in principe uitwisselbaar tussen de lenzen, maar is er iets meer variatie. Soms zit er een dunne ring tussen sluiter en lens, om tot de goede afstand tussen voor en achtercel te komen (essentieel voor de scherpte!) en er is in een enkel geval ook verschil in draad tussen verwante sluiters. In die zin is het kopen van een losse sluiter een zeker risico, tenzij je vrij precies weet wat je zoekt. Het passend maken van een en ander is bovendien vaak duurder dan het kopen van een vervangende, complete set.

Gelukkig worden de meeste grootformaatlenzen geleverd in een passende sluiter en is het zelden nodig een sluiter te wisselen. Dat is ook de weg die ik zelf gegaan ben.