En hier is mijn voorstel voor de workshop. Schroom niet het te amenderen. Het is niet heilig.
De resultaten van een testserie kunnen alleen zinvol worden besproken als één parameter wordt gewijzigd ( dit is een algemene stelling). In het voorstel van Harry hebben we verschillende objectieven. Dus als we over het effect van de objectieven op de beeldkwaliteit wat willen zeggen, moeten we zorgen dat de andere parameters gelijk zijn. Dus per testserie één type film, één ontwikkelaar en één sluitertijd.
Omdat sluitertijden vaak niet juist zijn, werden deze vroeger elctronisch gecalibreerd. Zo'n apparaatje heb ik al tijden niet gezien en wij kunnen de belichtingstijden via een test-tablet en een densiteitsmeting op één lijn brengen. Voorheen gebruikte ik een Gossen Profisix meter met opzetstukje om de densiteit te meten. Mijn Profisix is echter kapot; heeft iemand zo'n lichtmeter? Het gebruik van een densitometer is helemaal mooi, maar een beetje zwaar om mee te nemen.
Misschien denk je: wat een gedoe om de sluitertijd! Maar dat is schijn. Het werk dat hier in gaat zitten verdien je even later dubbel en dwars terug. Omdat alles vergelijkbaar is, behalve de objectieven, kun je testdrukken in één ruk en dus korte tijd produceren. Alles dezelfde belichtingstijd; hup de hele boel in één ontwikkelbad enz. en je hebt een mooie reeks drukken die je goed kunt vergelijken en bespreken. Want het bespreken van de beeldkwaliteit doe je aan de hand van drukken. Het bekijken van negatieven is een ondersteuning.
Voor het maken van de testdrukken heb ik een Durst 805 met diffusiekop en condensorkop beschikbaar. Je kunt er 120 film, kleinbeeld en eventueel een deel van 4x5? insteken.
Hiermee heb ik de gang van zake in één testserie besproken. Een andere testserie voor een andere ontwikkelaar of filmsoort gaat net zo.

Voor het testobject stel ik voor een landschap te nemen voor de fijne details en als tweede testobject het testobject dat Kodak gebruikt; een portret van een persoon met een kat ( liefst zwart-wit) op de arm. De kat is voor de fijne details ( texture), het gezicht van de persoon vraagt juist minder om de fijne details.

De negatieven en proefdrukken zullen na de workshop bij de deelnemers circuleren. Zodat ieder er mee kan verder werken ( bijv. andere ontwikkelaars of wat dan ook). Deze resultaten kunnen dan op kroegmeetings besproken worden. De negatieven en proefdrukken van de workshop vormen een soort uitgangspunt.

Jed