Beste Fred,

Testen is inderdaad precies wat je zult moeten doen. Je vraag is gewoon niet hapklaar te beantwoorden. Te veel variabelen. Zelfs al zou ik met deze combinatie werken dan zou je nog moeten testen voor je eigen omstandigheden. Ik neem trouwens aan dat je TXP (Tri-X 320) bedoelt.

Je belichting is wat je schaduwdetaillering bepaald. Als jij werkt met film met een nominale gevoeligheid van 320 ASA en je belicht op 200 dan overbelicht je de film dus in feite met 2/3 stop. Ik neem aan dat je dat doet om er voor te zorgen dat je voldoende detail in je schaduwen krijgt.
Bij de ontwikkeling zul je er voor moeten zorgen dat je die stopt wanneer de lichten voldoende doortekend zijn. Vuistregel is bij deze benadering: overbelichten en onderontwikkelen. Hoe veel? Dat zul je zelf uit moeten zoeken. Dat heeft te maken met zoveel factoren. Hoe je meet en belicht (ASA instelling zegt daarbij niet zo veel), ontwikkelaar, verdunning, agitatie, temperatuur, onderwerpscontrast, je smaak…

Ik zou het volgende doen. Schiet gewoon een filmpje TXP vol op 200 ASA (1 onderwerp met normaal onderwerpcontrast) en knip dat in 5 stukken. Er zit minstens 1 heel negatief op één stukje (2,4 beeldje 6x6 per stukje bij 120 film).
Kijk op de verpakking wat de normale ontwikkeltijd tijd is volgens de fabrikant bij je gewenste temp en verdunning. Ontwikkel 1 stukje film normaal, 2 stukjes ieder een beetje langer (kan je zien wat er gebeurt) en 2 stukjes elk iets korter. Bijvoorbeeld N=9, dan: 7,8,9,10,11. Je hebt dan een heel aardig idee van wat de film doet. Print van elk strookje een negatief. Daarna moet je een aardig idee hebben van de ontwikkeltijd. Desnoods doe je nog een tweede testje. Altijd van elk strookje een negatief printen! Dat is de enige manier om aan de weet te komen wat je aan een negatief hebt. Oh ja, ga natuurlijk ondertussen niet met je papiergradatie lopen vogelen…

Film knippen:
Je kunt eerst even uitzoeken waar je beeldjes beginnen op je film. Je hebt vast wel een ontwikkelde film liggen als voorbeeld, toch?
Je plakt een paar kartonnetjes op tafel op de juiste afstanden die je in het donker kunt voelen, knippen maar. Pas op je vingers…
Bijvoorbeeld: kartonnetje om het begin van de strook tegenaan te leggen en een kartonnetje waar je de leader af moet knippen.
Daaronder twee kartonnetjes die de lengte aangeven van 1/5 deel van de strook met beeldjes.. Heb je in 5 minuten voor elkaar. Noteer de afstanden en je reproduceert het op ieder gewenst moment.

Verder vooral niet blijven hangen in testen, gewoon heel veel fotograferen.
A roll a day keeps the doctor away!

Jan