Ik kan nu Gary's en Jed's opmerking bevestigen: er treedt inderdaad vervorming op die mij nog nooit was opgevallen:

Ik heb wat metingen gedaan:

Kentmere FB papier:
Masker ingesteld voor een foto van 15.7 x 40.2 geeft in natte toestand een fotobeeld van 15.7 x 41.2cm. Dat is dus 1 cm extra in de lengterichting, dus ca. 2.5% "verlenging".

Ook na drogen opgetaped is de foto vrijwel dit formaat. Krimp door drogen wordt dus bijna geheel voorkomen door de tape.

Vergelijkbare cijfers zag ik met Ilford MG4 FB. Opvallend is dus wel dat slechts in 1 richting uitzetting optreedt. Alhoewel dat dus overeenkomt met die papiervezelrichting, zou je toch verwachten dat er ook in de dwarsrichting uitzetting optreedt, dit lijkt echter verwaarloosbaar klein.

Overigens is het jammer dat de fotopapierfabrikanten niet gebruik maken van papier van zogenaamde "rondzeven". Deze kennen dit probleem nagenoeg niet, omdat de vezels daarop geen duidelijke richting hebben (het beste in dit opzicht is handgeschept papier, dat volledig random is). Het zal wel wat met de kostprijs van dergelijk rondzeefpapier te maken, dat het niet gebruikt wordt, of om wellicht nog andere technische redenen die ik niet ken...

De enige oplossing voor dit issue zou zijn om het papier eerst te weken en op te spannen VOOR belichten. Alhoewel dit technisch wel mogelijk is (ik beschik over een handige lichtdichte droogbox hiervoor die ik gebruik voor liquid emulsion), is dit natuurlijk allemaal verder niet echt praktisch en tijdrovend. Ook weet ik niet of het weken en weer laten drogen van onbelicht fotopapier nog consequenties heeft voor de kwaliteit daarvan??? Op zich wel een leuke vraag (los van praktische bezwaren): weet iemand daar iets zinnigs over te zeggen?

Marco