De dekking, contrast e.d. van je negatief hangt van een aantal factoren af:
Tijd, temperatuur, verdunning en beweging van de tank.
Het beste is om die 4 factoren constant te houden zodat wanneer er iets fout gaat je een van die factoren kunt aanpassen om je resultaten te verbeteren.
Het beste is om met de factor 'tijd' te spelen.

Verder houdt alle baden op dezelfde temperatuur ook het spoelwater. Mocht tussen een van de baden meer dam 3 graden verschil zijn dan heb je grote kans dat je emulsie barst en dat geeft een erg lelijk eind resultaat (retikulatie).

De effectieve gevoeligheid van de film wordt voornamelijk bepaald door je belichtingsmeter, de ontwikkeling van de film maar ook door de gebruikte vergroter. Een condens vergroter geeft een wat harder resultaat dan een diffuus vergroter. Aangezien Kodak met de ontwikkeltijden van D76 uitgaat van fabrieksmatig vergroten met diffuus vergroters kun je er van uitgaan dat, indien je een diffuser gebruikt, de standaard gevoeligheid van Tri-X ligt op ISO 400 en dat je de ontwikkel tijd kunt gebruiken die op de verpakking aangegeven is. Je komt dan onder ideale omstandigheden altijd uit op gemiddeld gradatie 2 bij het afdrukken.
Bij een condensvergroter, omdat deze harder drukt, op gradatie 1.
Dus om daar op gradatie 2 uit te komen kun je beter een Tri-X belichten als ISO 200 en ongeveer 25% korter ontwikkelen.

Dit laatste is een vuistregel en e.e.a. moet je proefondervindelijk vaststellen.