Mijn methode:

Ik gebruik alleen een spotmeter (pentax digitale spotmeter V).
Van de scene die in wil maken, zoek ik de partij waar ik nog net doortekening in wil en zet deze in zone III, vervolgens kan ik controleren waar de rest van de scene valt. Als bv de lucht in VIII zit, weet je dus dat die uiteindelijk wit wordt bij een normale ontwikkeling. Zo kan je ieder gedeelte meten en zien waar of deze terecht komt.

Een veel gemaakte fout is dat er een spotmeter gebruikt wordt die meer dan 1 graad meeneemt. Meet maar eens een partij op +/-10 meter, loop er nu heen en meet nogmaals. scheelt vaak een stop. Dit resulteert vaak in een stop onderbelichting.

Als de scene over de 4 tot 4.5 stops gaat, zal niet alles op de afdruk zichtbaar zijn doordat de omvang van het papier dat niet aankan. Dus moet het negatief anders worden ontwikkeld. Doordat ik dan middels semi stand/ stand ontwikkeling minimaal agiteer, voorkom ik dat de hoge lichten te veel uitbijten. Ik probeer hiermee het negatief zacht te houden waardoor e.e.a., toch nog afdrukbaar is. Ik gebruik overigens pyrocat HD.

Als het licht echt te hard is, maak ik geen opname en kom een andere keer terug...